Een stad vol interbellum
Tussen 1918 en 1940 groeide Haarlem flink. In het noorden verrezen buurten als het Kleverpark, de Bomenbuurt en de Indische wijk, in het zuiden en zuidwesten villa’s en dubbele woonhuizen rond de Haarlemmerhout en richting Heemstede en Overveen. Zoveel van die bebouwing is bewaard gebleven dat Haarlem-Zuid en Zuidwest in 2011 en Haarlem-Noord in 2016 rijksbeschermd stadsgezicht werden.
Voor stucwerk binnen betekent dat beschermde stadsgezicht weinig: het gaat om het aanzicht van buiten. Maar de huizen zelf hebben wel hun eigen kenmerken, en daar moet een stukadoor rekening mee houden.
Muren die niet recht staan
Jaren-30-woningen zijn met de hand gemetseld en daarna gepleisterd. Na bijna honderd jaar, verbouwingen en het verleggen van leidingen staan veel muren niet meer helemaal recht of in het lood. Een dunne laag stucwerk volgt die golvingen gewoon. Wilt u een strakke wand, dan komt er eerst raapwerk op: een dikkere laag die de muur rechttrekt. Pas daarna zetten we de afwerklaag. Dat kost meer tijd, maar het verschil ziet u direct als het licht langs de wand valt.
Plafonds aan riet
Veel woningen uit deze tijd hebben nog plafonds van pleister op riet. Ze zijn mooi, maar na een lekkage of door doorgeroeste spijkers kunnen ze loslaten. Hecht het plafond nog overal, dan volstaat een nieuwe afwerklaag. Twijfelt u, lees dan eerst een rietplafond herstellen of vervangen.
Lagen oude saus en behang
Op de muren van een jaren-30-huis zit vaak een geschiedenis aan lagen: kalkverf, latex, behang en soms weer verf over het behang. Nieuw stucwerk hecht niet op een laag die zelf loszit. Daarom gaat behang er altijd af, en testen we de verflagen. Krijt de verf af, of laat hij los met een stuk plakband, dan moet hij eraf. Kalkverf kan vaak worden afgewassen; dat scheelt veel schuren.
Kalk of gips?
Het oorspronkelijke pleisterwerk in deze huizen bestaat vaak uit kalk, soms met een afwerklaag van gips. Op een droge, vaste kalkmuur kan een gipspleister prima, mits de ondergrond goed is voorbehandeld. Is de muur vochtig, bijvoorbeeld een buitenmuur aan de wind- en regenkant of een muur bij de keldertrap, dan kiezen we liever voor een kalkpleister die vocht doorlaat.
Leidingen en sleuven
Wordt er ook nieuwe elektra of verwarming aangelegd? Plan het stucwerk dan als laatste ruwe klus: eerst de sleuven hakken en leidingen leggen, dan alles dichtzetten en stucen, en pas daarna de vloer en de schilder. Verse sleuven zetten we vooraf dicht met een snelhardende mortel, zodat ze zich later niet aftekenen.
De gevel
Aan de buitenkant ligt het anders. Wie in een beschermd stadsgezicht de gevel een nieuwe kleur of structuur wil geven, heeft daar soms een vergunning voor nodig. Herstel van gepleisterde plinten en vlakken in dezelfde kleur kan meestal wel zonder. Lees meer bij gevelstucwerk.
Onze aanpak in een interbellumhuis
We bekijken het huis, kloppen de muren af en kijken wat er onder de verf zit. Daarna bespreken we per ruimte wat nodig is, van raapwerk tot afwerkniveau. Zo krijgt u een offerte die past bij uw jaren-30-woning. Bekijk ook stucwerk voor de afwerkniveaus.