Wat er op Haarlemse muren zit
Waarom laat stucwerk los, of waarom blijft een scheur terugkomen? Meestal ligt het antwoord in de muur zelf. En die verschilt in Haarlem sterk per buurt en bouwjaar.
- In de binnenstad en in buurten als het Rozenprieel en de Leidsebuurt staan veel panden van voor 1900. Daar zit vaak kalk op de muren, liggen er houten balken die meebewegen en hangen de plafonds aan riet of latten.
- Haarlem-Noord, Haarlem-Zuid en Zuidwest zijn voor een groot deel tussen de twee wereldoorlogen gebouwd. De bakstenen muren staan daar lang niet altijd haaks of in het lood. Lees ook stucwerk in een jaren-30-woning.
- In Schalkwijk en andere wijken van na 1960 gaat het vaker om betonwanden, kalkzandsteen en gipsplaten. Die zijn meestal vlak, maar zuigen heel verschillend.
We bekijken daarom eerst de ondergrond. Pas als we weten wat er onder de verf of het behang zit, kiezen we het materiaal en de voorbehandeling.
Een sausklare wand met een dunne laag
Op een redelijk vlakke muur is vaak een dunne filmlaag glad stucwerk van zo’n 3 millimeter genoeg. Dat geldt ook voor veel nieuwbouw: wanden die behangklaar zijn opgeleverd, maakt zo’n laag geschikt voor latex of muurverf.
Bij nieuwe wanden letten we extra op hoe sterk de ondergrond vocht opzuigt. Een betonwand zuigt nauwelijks, een gipsblokwand of kalkzandsteen veel meer. Met het juiste voorstrijkmiddel regelen we die zuiging, zodat het stucwerk overal even snel aantrekt en goed hecht.
Hoeken, naden en aansluitingen
De meeste scheuren in jong stucwerk ontstaan op dezelfde plekken: bij buitenhoeken, op de naad tussen twee materialen en waar een wand tegen een kozijn of plafond komt. Daar nemen we vooraf maatregelen:
- Buitenhoeken krijgen een hoekprofiel, dat de hoek recht houdt en beschermt.
- Bij kozijnen en plafonds plaatsen we stucstopprofielen, of snijden we het stucwerk in. Werkt de bouw een beetje, dan ontstaat daar een strakke lijn in plaats van een scheur dwars door de wand.
- Naden van gipsplaten en overgangen tussen oud en nieuw metselwerk wapenen we met gaas of band.
Behangklaar, sausklaar of schilderklaar?
Vooraf kiest u samen met ons het afwerkniveau, en dat niveau komt letterlijk in de offerte te staan.
- Behangklaar: vlak genoeg voor behang, dat kleine oneffenheden verbergt.
- Sausklaar: de gebruikelijke ondergrond voor latex. Valt het licht sterk van opzij, dan kan een kleine oneffenheid nog zichtbaar zijn.
- Schilderklaar: het hoogste niveau, nodig onder hoogglans of op een wand waar de ochtendzon schuin overheen valt.
Kiest u voor behang, dan is behangklaar voldoende. Dat scheelt werk en dus geld.
Plafonds stucen
Op een plafond ziet u bij daglicht elke baan en elke aanzet terug. Zeker in Haarlemse benedenwoningen met hoge ramen aan de straatkant valt het licht er vlak overheen. Daarom werken we eerst alle naden en scheuren weg en zetten we het hele plafond daarna in één doorgaande beurt op. Hangt uw plafond aan riet en zit het los of bol, dan is eerst herstel nodig. Lees daarover een rietplafond herstellen of vervangen.
Liever een plafond met een korrel, die oneffenheden maskeert? Kijk dan bij spuitwerk of schuurwerk.
Stap voor stap
- We dekken vloeren, kozijnen, radiatoren en de trap af.
- Wat los zit, halen we weg; gaten krijgen een vulmiddel en de muur een hechtlaag of voorstrijk.
- Waar nodig plaatsen we hoek- en stucstopprofielen en wapenen we naden.
- Na het stucen in het afgesproken niveau gaat al het afdekmateriaal weg. U krijgt tips voor het drogen en sauzen mee; lees ook wanneer de verf op nieuw stucwerk kan.
Wat kost stucwerk?
Het zwaarst wegen de oppervlakte, het gekozen afwerkniveau en hoeveel herstel de muur vooraf nodig heeft. Een plafond is bewerkelijker dan een wand, en raapwerk onder een scheve muur kost extra tijd. In de binnenstad tellen ook een smalle trap en de mogelijkheid om te laden en lossen mee. Richtprijzen en een checklist voor offertes vindt u bij prijs stucwerk. Is uw huis al meer dan twee jaar in gebruik als woning, dan geldt voor het stucwerk 9% btw.